Prins Rupert van de Rijn.
(Aan deze bladzijde wordt nog gewerkt).
Waar moeten we Prins Rupert van kennen? Misschien kennen we hem wel niet zo goed, omdat hij in het Nederlands vaak Prins Robert heet. Bovendien willen we hem wellicht niet kennen, omdat hij als Brits admiraal slag leverde met Michiel de Ruyter, in 1673 bij Texel. Die slag werd niet gewonnen en niet verloren door onze grote held. Anderzijds is hij wel de achterkleinzoon van Willem van Oranje, en de achterneef van Prins Maurits. Hij groeide op in Den Haag en Leiden, diende in het Staatse leger, dat onder bevel stond van zijn andere neef Frederik Hendrik de Stedendwinger, was hij dikke maatjes met mijn voorouder Bernard de Gomme, en leidde hij een zeer opmerkelijk en veelzijdig leven. Dus: waar moeten we hem nog meer van kennen?
Prins Robert was een gentelman.
Om te beginnen natuurlijk van het kinderliedje ‘Prins Robert was een gentleman’. Dat stond tot ver in de vorige eeuw in boekjes met kinderliedjes, en het gaat alsvolgt:
Prins Robert was een gentleman,
Een gentleman was hij;
Hij had een broek van krenten an,
En een rokjen van rijstebrij,
Zijn beentjens waren hoendertjes,
Zijn billetjes waren bout,
Zijn handjes waren kepoendertjes,
En zijn neusje was van zoethout.
Prins Robert was een gentleman,
Een gentleman van zoethout.
Hè? Zo ging het oorspronkelijke lied natuurlijk niet. Zoals zoveel kinderliedjes is het heel erg vrij aangepast.
Ook King Crimson ‘misbruikte’ Prins Rupert voor een lied, dxat weinig meer met hem te dloen heeft:
Prince Rupert Awakes
Farewell the temple master’s bells
His kiosk and his black worm seed
Courtship solely of his word
With Eden guaranteed
For now Prince Rupert’s tears of glass
Make saffron sabbath eyelids bleed
Scar the sacred tablet of wax
On which the Lizards feed
Wake your reason’s hollow vote
Wear your blizzard season coat
Burn a bridge and burn a boat
Stake a Lizard by the throat
(Album Prince Rupert Awakes, King Crimson, 1970).
‘Rupert’s tears of glass’ komen hieronder aan de orde.
Dan is er Prince Rupert’s march, ook wel Prince Robert Masco. Het is een mars die nog steeds op het repertoire staat van Britse folkmusici en ‘county dance’-gezelschappen. De mars werd wellicht gecomponeerd door de blinde Nederlandse componist, blokfluitist en beiaardier Jacob van Eyck, die het publiceerde in 1649 in zijn Der Fluyten lusthof. Een jaar eerder verscheen de liefderenbundel Gesangh der Zeeden. Bij het lied ‘Kent u selve’ op p. 96 staat als muziekaanwijzing ‘Stemme: Prins Robberts Marsch’. De tekst heeft niets met Prins Rupert van doen. In 1649 wordt in Overschie het pamflet Prins Roberts antwoordt, voor den staet van Engelandt, jegens den trotsen spijt van het Parlement gepubliceerd. Als muziekaanwijzing staat: ‘Stemme: Prins Robert is een gentelman’. De eerste zinnen:
Prins Robert is een Gentilman
Zijn Vader was een King,
End als de Bel gebroken is
Dan klopt men met den King.
[…]
Prins Robert is een Gentilman
Het parlement een Boer
En Fairfax is den Besem-stock
Daar vaeghtmen mee den Vloer.
Fairfax was een generaal van de Parlementariërs. Hij won als commandant van de New Model Army de Slag bij Naseby, en beëindigde daarmee de Burgeroorlog en het koningschap. Het pamflet keert zich tegen de Parlementariërs. Of het echt in 1649 is gedrukt, lijkt me de vraag. Het zou gedrukt zijn ‘in de vergulde Moordt-Byl’, verwijzend natuurlijk naar de bijl waarmee Charles I werd onthoofd. Ik kon geen Engelse tekst hiervan vinden. Merk op, dat de wijs (‘stemme’) al bekend verondersteld wordt. Hoe dan ook, geen woord over een broek van rijstebrij of billetjes van bout. Niet duidelijk voor mij is overigens, of de muziek van ‘Prins Robert is een gentelman’ en de ‘Prince Rupert’s march’ hetzelfde is.
Rupertland.
Een heel groot deel van het huidige Canada werd pas in 1870 door Canada aangekocht. Het betrof Rupertland, een schaars bewoond gebied van 3,9 miljoen vierkante kilometer, 93 keer zo groot als Nederland. Het land was tot dat jaar eigendom van de Hudson’s Bay Company, die toen haar monopolie kwijtraakte. Deze handelsmaatschappij was mede opgericht door Prins Rupert: hij stelde geld beschikbaar voor een expeditie naar de Hudsonbaay. In 1669 keerde het schip terug met een forse lading bont. Op 2 mei 1670 kregen Prins Rupert en zijn twee compagnons het alleenrecht op de bonthandel in dat niet in kaart gebrachte gebied, dat 40% van Canada omvatte. Net als bij voorbeeld de VOC in Oost-Indië was de Hudson’s Bay Company de absolute baas, 200 jaar lang.
Prince Rupert is ook een havenstad in British Columbia. Het werd pas begin 20ste eeuw gesticht door een spoorwegmaatschappij.
Prins Rupert de zeerover.
Prins Rupert was ook elders ‘commercieel’ actief, lees als zeerover. Hij vertrok in 1649 vanuit Hellevoetsluis met een negental schepen. Rupert was aan boord van het vlaggeschip de Constant Reformation. Het kapen begon al in het Kanaal. Er was gedoe in Lissabon, en in de Middellandse Zee. Ook Engelse schepen werden buitgemaakt: daar was parlementariër en vijand Cromwell immers de baas. In 1652 voer het squadron langs de noordwest kust van Afrika, van Kaapverdië tot 200 kilometer de rivier de Gambia op. Hij roofde wat handelswaar, en knokte met schepen van vijandige mogendheden. Hierna voer hij met zijn schepen naar de Caraïben. Ook dit was als kaper. Er werd wat geroofd en gejat, maar een aantal schepen en zijn jongere broer Maurice gingen ten onder.

In 2023 herontdekt portret van Jan Lievens: Prins Maurits van de Palts. Zie: https://www.nrc.nl/nieuws/2023/11/15/nieuw-schilderij-van-jan-lievens-ontdekt-de-winterprins-a4180942
In 1653 keerde hij terug in Saint Nazaire, met nog maar één schip. Hij was uitgeput, verbleef in een hospitaal in Nantes, en trok vervolgens naar Parijs, waar zich het verbannen hof van Charles II bevond. Hij was nog steeds ziek en zou nooit meer volledig herstellen. Hij kreeg met Charles ruzie over geld, en vertrok naar Duitsland, waar hij enkele jaren onopgemerkt leefde. Een zeer uitgebreid verslag van de reizen van Prins Rupert als zeerover vind je hier.

Prins Rupert de kunstenaar.
Prins Rupert kreeg schilderlessen van Gerard van Honthorst (1592-1656). Honthorst was niet alleen een Utrechtse caravaggist, maar ook een succesvolle portretschilder. Hij schilderde onder andere Frederik Hendrik, Frederik V, de vader van Rupert, en zijn jongere broer Maurice. In 1627 opende hij een groot, succesvol atelier aan het Domplein in Utrecht. In 1628 kreeg hij de opdracht om Charles II te schilderen. Hij vestigde zich tijdelijk in Londen. Hij werd beloond met een goed paard, het staatsburgerschap en een jaargeld. In 1637 opende hij aan het Haagse Westeinde een tweede atelier. Waar en wanneer hij Prins Rupert les gaf, is niet bekend. Honthorst schilderde Rupert verschillende keren. Hij ontmoette de uitvinder van de mezzotint, Ludwig von Siegen, en verbeterde de techniek en het drukproces ervan. Dankzij hem werd de mezzotint in Engeland heel populair.

Prins Rupert van de Rijn, Head of the executioner. 1662. Mezzotint.
Zijn zus, Louise Hollandine van de Palts, schilderde ook. Zij werd op 18 april 1622 in Den Haag geboren. Haar naam Hollandine dankte ze aan het feit,. dat de ‘Edel Mogende Heren’ van de Staten van Holland getuigen waren bij haar doop op 30 april in de Kloosterkerk. Ze leerde het vak bij Gerard van Honthorst. Omdat ze weigerde met een neef te trouwen, vluchtte ze naar Frankrijk, werd katholiek, en , met steun van Lodewijk XIV, abdis van de abdij van Maubisson.
Louise Hollandine van de Palts, Zelfportret (circa 1650).

Gerard van Honthorst, Louise Hollandine van de Palts.

Prince Rupert zorgde er dus voor dat mijn voorouder Sir Bernard de Gomme in Engeland belandde. Hij zorgde er wellicht ook, op verzoek van De Gomme en Vossius, voor, dat stiefzoon Beverland in 1679 snel werd berecht en niet al te zwaar werd bestraft. Rupert kreeg weer te maken met De Gomme, toen de laatste o.a. verantwoordelijk werd voor de munitie in het Engelse leger. Isaac Vossius woonde net als Rupert in Windsor Castle.
Rupert leidde veldslagen in de Engelse burgeroorlogen als Royalist. Diende in het leger van Louis XIV in de oorlog tegen Spanje. Was in 1652 kaper in de Caraïben. Veroverde Gambia, kreeg belangen in de slavenhandel. Stichtte in 1670 de Hudson Bay Company, en was daarvan de eerste gouverneur. Dit nog steeds bestaand bedrijf was de facto 200 jaar de baas over dat grote deel van Canada, dat nu nog Rupert’s Land heet.
Hij was admiraal van de Engelse vloot in de oorlogen met de Republiek, leidde dus ook die vloot in de Slag bij Kijkduin (Battle of Texel) in 1673. Op de Nederlandse vloot diende toen marinier Alexander Kenti, stamvader van de Kenties in dit land.
Hij werd tijdens de Restauratie benoemd in allerlei officiële commissies, zoals de Tangier Committee. Tanger was Engels tussen 1661 en 1684. Samuel Pepys zat ook in dit comité, en beweerde dat Rupert daarin alleen maar zat te lachen en te vloeken. In 1668 werd Rupert Constable van Windsor Castle, waar hij onder andere de tennisbaan restaureerde. In zijn appartementen had hij kamers, volgehangen met wapens en andere, volgehangen met tapijten en ‘verwijfde’ portretten. Hield zich bezig met jagen en tennissen, samen met Charles II. Pepys stelt, dat hij tot de beste tennisspelers van Engeland behoorde.
Het is niet mogelijk een korte samenvatting van het leven van Rupert te geven. Ik heb er maar een extra lang verhaal van gemaakt.
Rupert leidde veldslagen in de Engelse burgeroorlogen als Royalist. Diende in het leger van Louis XIV in de oorlog tegen Spanje. Was in 1652 kaper in de Caraïben. Veroverde Gambia, kreeg belangen in de slavenhandel. Stichtte in 1670 de Hudson Bay Company, en was daarvan de eerste gouverneur. Dit nog steeds bestaand bedrijf was de facto 200 jaar de baas over dat grote deel van Canada, dat nog steeds Rupert’s Land heet.
Werd tijdens de Restauratie benoemd in allerlei officiële commissies, zoals de Tangier Committee. Samuel Pepys zat ook in dit comité, en beweerde dat Rupert daarin alleen maar zat te lachen en te vloeken. In 1668 werd Rupert Constable van Windsor Castle, waar hij onder andere de tennisbaan restaureerde. In zijn appartementen had hij kamers, volgehangen met wapens en andere, volgehangen met tapijten en ‘verwijfde’ portretten. Hield zich bezig met jagen en tennissen, samen met Charles II. Pepys stelt, dat hij tot de beste tennisspelers van Engeland behoorde.
Was kunstenaar, kreeg les van Gerard van Honthorst. Hij was mede-ontwikkelaar van de mezzotint een grafische techniek. Introduceerde deze in Engeland. Via hofschilder Peter Lely liet hij Nederlandse printmakers naar Engeland komen.

Speerdrager. Mezzotint. Prince Rupert (1658). The Met.
Was ook wetenschapper en ingenieur. Verbouwde enkele kamers in Windsor Castle tot laboratorium. Hij goot er ook kanonnen in zijn eigen gieterij. Hij was een van de oprichters van de Royal Society. Prins Ruperts tranen werden niet door hem uitgevonden: ze waren eerder al bekend als Bataafse tranen of Dutch tears. Die krijg je door gesmolten glas in koud water te laten vallen. De eigenschappen lijken een beetje op modern gehard glas. Het fenomeen werd driftig bestudeerd in de beginperiode van de Royal Society.
Prince Rupert’s drops, oftewel Dutch tears of Batavian tears.

Rupert vond andere dingen uit, van verf die op marmer hield tot een apparaat om water op te pompen. Hij vond het Rupertinoe zeekanon uit, en een soort machinegeweer en een soort pistool. Hij vond een tien keer sterker buskruit uit, een torpedo en een verbeterd soort ‘fragmentiekogel’. En een soort duikbootje om voorwerpen van de zeebodem op te halen. Na een op hem uitgevoerde schedelboring ontwikkelde hij verbeterde chirurgische instrumenten. Hij ontwikkelde een nieuw koperallooi, ‘Prince’s metal’, en hij ontwierp een methode waarmee je vishaken beter kon harden. Dit is een beperkte opsomming.

Prince Rupert’s cube. Watr is de grootste kubus, die door een opening van een andere kubus kan?
Rupert bedacht een wiskundig probleem, Prince Rupert’s cube, dat volgens Wikipedia door Pieter Nieuwland werd opgelost, maar volgens J.H. van Swinden in eerste instantie door John Wallis.
Rupert had een witte poedel, Boy genaamd. De poedel werd geschilderd door Ruperts moeder Louise Juliana, de dochter van Willem van Oranje.

Rupert nam Boy altijd als mascotte mee naar zijn veldslagen. Hij werd benoemd tot ‘sergeant-majoor-generaal’ in het royalistische leger. De hond begon spontaan te pissen, als je ‘Pym’ tegen hem riep. Parlementariër John Pym was de aanvoerder van de tegenpartij. Boy wist zich tijdens de voor Rupert dramatisch verlopen slag van Marston Moor op 2 juli 1644 los te rukken, en werd door de vijand doodgeschoten. Hij was de eerste officiële Britse legerhond.
The killing of Prince Rupert’s dog, named ‘Boy’, during the battle of Marston Moor, during the English civil war, A woodcut showing a witch, a cavalier and Prince Rupert’s dog. Image taken from: A Dog’s Elegy, or Rupert’s tears for the late defeat at Marston-Moore, … where his beloved dog, named Boy, was killed by a valliant souldier, who had skill in necromancy […].

Rupert had ook nog tijd voor de nodige minnaressen. Frances Bard was de dochter van Henry Bard, militair en diplomaat. Ze hadden een zoon, Dudley, die sneuvelde bij het beleg van Boeda (1686). Frances werd ingeruild voor Margaret Hughes, de eerste Engelse actrice. Tijdens het bewind van Cromwell (aan de macht door de overwinning van de Parlementariërs) was toneel verboden. Eerder werden ook vrouwenrollen door mannen gespeeld. Koning Charles II hield niet zo van dat trans- en homogedoe, en verbood dat mannen vrouwen speelden. Margaret hield van gokken en dure juwelen. Rupert kocht een paleisje voor haar in Hammersmith. Ze waren niet gehuwd, maar woonden wel samen. Ze kregen een dochter, Ruperta. Margaret bleef acteren. Rupert wist ervoor te zorgen, dat Margaret niet gearresteerd kon worden vanwege schulden. Na Ruperts dood erfden zij en Ruperta 12.000 pond, een schijntje. Margaret moest veel juwelen en haar huis verkopen, en had een beroerde tijd als weduwe. Ruperta trouwde generaal en later parlementslid Emanuel Scrope Howe.
Sir Peter Lely, Portret van Margaret Hughes.
